CO2 prestatieladder

Maatschappelijk verantwoord ondernemen is niet alleen voor transport en logistiek, maar binnen de gehele organisatie is dit een belangrijk item. Na deelname aan het programma duurzame logistiek en het behalen van de Lean and Green award in 2010, is het voor Rensa een logisch gevolg om deel te nemen aan de CO2 prestatieladder. De CO2 prestatieladder betreft de hele organisatie, en niet zoals Lean and Green alleen logistiek. Rensa heeft zich dan ook gecertificeerd voor niveau 3 van de CO2 prestatieladder. Zie hier het CO2-Bewust certificaat van Rensa.

De CO2 prestatieladder is een instrument om bedrijven die deelnemen aan aanbestedingen te stimuleren tot CO2 bewust handelen in de eigen bedrijfsvoering en bij de uitvoering van projecten. Het gaat daarbij met name om energiebesparing, het efficiënt gebruik maken van materialen en het gebruik van duurzame energie.

In eerste instantie is dit instrument door ProRail ontwikkeld en sinds 2009 gebruikt voor aanbestedingen in de spoorsector. Maar al snel bleek dat ook andere aanbesteders en andere sectoren in het bedrijfsleven de mogelijkheden van de ladder zagen. Daarom is versie 2 van de CO2 prestatieladder ontwikkeld. Daarin is de ladder breder toepasbaar geworden voor andere aanbesteders en andere sectoren. Zo sluit de ladder nu beter aan bij het Besluit Aanbestedingsregels voor Overheidsopdrachten. Ook hebben de ervaringen uit het eerste jaar geleid tot verbeteringen en verduidelijkingen. Het beheer en de ontwikkeling van de ladder wordt sindsdien gedaan door de Stichting Klimaatvriendelijk Aanbesteden en Ondernemen (SKAO). Meer informatie: www.skao.nl

De ladder in het kort

Het doel van de ladder is (1) bedrijven te stimuleren om de eigen CO2 uitstoot - en die van hun leveranciers - te kennen en (2) permanent te zoeken naar nieuwe mogelijkheden om de uitstoot als gevolg van de eigen bedrijfsvoering en de eigen projecten terug te dringen. De ladder stimuleert bedrijven vervolgens om (3) die maatregelen daadwerkelijk uit te voeren en bovendien (4) de verworven kennis transparant te delen en (5) samen met collega's, kennisinstellingen, maatschappelijke partijen en overheden actief te zoeken naar mogelijkheden om de uitstoot gezamenlijk verder terug te dringen.

Inzet wordt beloond

De ladder is een concrete uitwerking van het streven naar één helder en toegankelijk instrumentarium voor duurzaamheid bij het gunnen van opdrachten. Het instrument wordt door overheidsorganisaties en bedrijven gebruikt bij veelal complexe aanbestedingen. Het uitgangspunt van de ladder is dat inspanningen worden gehonoreerd. Een hogere score op de ladder wordt namelijk beloond met een concreet voordeel in het aanbestedingsproces, in de vorm van een - fictieve - korting op de inschrijfprijs.

Niveaus en invalshoeken

De ladder is vertaald in vijf niveaus. Per niveau is een vaste set aan eisen gedefinieerd die worden gesteld aan de CO2 prestatie van het bedrijf en haar projecten. Deze eisen komen voort uit 4 invalshoeken (A t/m D) met elk een eigen wegingsfactor. De plaats van een bedrijf op deze ladder wordt bepaald door het hoogste niveau waarop het bedrijf aan de eisen voldoet. 

De Niveaus

Niveau 1, 2 en 3: het eigen CO2 huis op orde

De eerste niveaus van de ladder leiden tot de ‘carbon footprint’ (scope 1 en 2) van het bedrijf en zijn projecten met reductiedoelstellingen de nodige interne en externe communicatie en een actieve rol in de sector en keten. Een en ander is gebaseerd op onderzoek inzake eigen energieverbruik met maakbare doelstellingen voor reductie.

Met name op niveau 3 en hoger is het extern communiceren een vereiste voor een doeltreffende werking van de ladder binnen de sector en daarbuiten. De blijvende toegankelijkheid van de gepubliceerde informatie verdient expliciete aandacht. Het CO2 bewust certificaat is verstrekt door het certificeringinstituut (CI) KIWA omdat aan een set van eisen van een bepaald niveau op de ladder is voldaan. Het niveau dat een bedrijf heeft bereikt in het verminderen van zijn CO2 uitstoot vertaalt zich in een ‘gunningvoordeel’. Er is gekozen voor het gunningcriterium omdat de mate van milieu belasting waarmee een opdracht wordt uitgevoerd, een economische waarde vertegenwoordigd. Hoe hoger het niveau op het certificaat, hoe meer voordeel het bedrijf krijgt bij de gunningafweging.

Invalshoeken   

A. Inzicht

Rensa heeft inzicht in haar eigen CO2 uitstoot. Er is een carbon footprint van 2009. Alle energiestromen zijn geïdentificeerd en inzichtelijk. Jaarlijks wordt er een emissie inventarisatie rapport opgesteld waarin de energiestromen en verbruiken vermeld worden van het betreffende jaar. De werkwijze is vastgelegd in het document, energie management actieplan. Alle energie stromen van Rensa zijn kwantitatief in kaart gebracht. Rensa beheert de kwantitatief in kaart gebrachte energiestromen en past deze aan op de actuele situatie. Rensa beschikt over een energie audit verslag waarin projecten met gunningvoordeel zijn beschreven. Rensa beschikt over een uitgewerkte actuele emissie inventarisatie voor scope 1 en 2 conform ISO 14064-1. De emissie inventarisatie van 2011 volgens ISO 14064-1 is geverifieerd door certificeringinstituut KIWA.

B. Reductie

Omdat Rensa inzicht heeft in de energiestromen en het verbruik, is het mogelijk hieraan reductie doelstellingen te koppelen. Daarnaast beschikt Rensa over een actueel energie audit verslag waarin de kwantitatieve doelstelling en de reductie maatregelen beschreven staan. In het energie audit verslag staan de kwalitatief omschreven reductie doestellingen. Rensa heeft doelstellingen omschreven voor het gebruik van groene stroom Op het Intranet van Rensa en door middel van diverse interne media worden de werknemers van maatregelen op duurzaamheid gebied op de hoogte gehouden. 

Rensa heeft een energie management actieplan (conform NEN 50001 of gelijkwaardig) opgesteld, onderschreven door hoger management en gecommuniceerd (intern en extern en geïmplementeerd) volgens 3.B.2 van het CO2 prestatieladder handboek. Rensa heeft haar reductie-maatregelen vastgelegd in het energie audit verslag uitgedrukt in absolute getallen en in percentages ten opzichte van het referentie jaar 2009.

C. Transparantie

Rensa communiceert minstens 2 keer per jaar intern en extern, de behaalde energiereducties en duurzaamheid beleidsontwikkelingen. Het stuurteam ‘duurzaam Rensa’ heeft periodiek bijeenkomsten waarbij de reductie maatregelen die toegewezen zijn/worden aan verantwoordelijke. Dit is tevens vastgelegd in het energie management actieplan Rensa heeft externe belanghebbenden geïdentificeerd. Rensa communiceert structureel intern en extern over haar CO2 footprint (scope 1 en 2 emissies) en de kwantitatieve reductiedoelstellingen. De communicatie omvat het energiebeleid en de reductiedoelstellingen Rensa, mogelijkheden voor individuele bijdrage, informatie betreffende het huidig energiegebruik en trends binnen de organisatie. De communicatie strategie staat omschreven in het communicatieplan 3.C.1 van het CO2prestatieladder handboek.

Er wordt jaarlijks een voortgangsrapportage gemaakt.

D. Participatie

Rensa investeert aantoonbaar in samenwerking en het delen van informatie en kennis verworven in de eigen organisatie. Zo neemt Rensa deel aan het programma duurzame logistiek van Connekt. De afdeling Innovatie en Kennismanagement geeft trainingen over duurzame installaties en innovaties op productgebied. Maandelijks wordt er in het logistiek overleg de ontwikkelingen van het programma besproken en er wordt invulling aan gegeven. Rensa is één van de koplopers van het programma duurzame logistiek en zet zich actief in voor het programma door informatie te delen. Ook neemt Rensa deel aan werkgroepen betreffende bouwplaatslogistiek onder andere via de EVO. Rensa maakt budget vrij voor bovenstaande activiteiten volgens 3.D.1 van het CO2 prestatieladder handboek.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jur Hofland, Coördinator duurzame logistiek of Astrid Laenen, Kwaliteitscoördinator per telefoon (0316) 29 29 29 of stuur een mail naar mvo@rensa.nl

Omdat het resultaat telt.